Laaddeur achter

Nadat de beide laaddeuren eruit zijn gehaald weet je na een tijdje niet meer met welke pennen de scharnieren kunnen draaien. De pennen die ik er uit heb getikt bij demontage was een mengelmoesje van pennetjes met of zonder moeren. Ik heb even bij de bouwmarkt gezocht naar scharnierpennen  van Ø6,3 mm. Maar dat was lastig. Na wat speurwerk en het bekijken van foto’s bleek dat er spanstiften in horen te zitten. Ø6x50 mm. Een plaatselijke ijzerwaren winkel had uit een oude voorraad nog 13 liggen en wilde er graag helemaal vanaf. Voor €3,= mocht ik ze allemaal meenemen. Ergens op het wereld wijde web kwam ik een prijs van €7,15 tegen. Per stuk wel te verstaan. Dat vond ik al een beetje aan de hoge kant.

 

De achterste laaddeur was boven en onder voorzien van een tweetal schuifsloten. Dit was de oplossing die is bedacht nadat het spanjoletslot werd verwijderd. Dat is natuurlijk wel een snelle oplossing maar geen gezicht. Deze moeten er dan ook maar zo snel mogelijk af en worden vervangen door een origineel spanjolet.

 

 

Nadat het schuifslot was verwijderd bleef er een behoorlijk gehavende bovenhoek over. Dit laat zien dat er verschillende pogingen zijn ondernomen om het schuifslot op de goede plek te krijgen. Het is net of er een specht is bezig geweest. De gaten heb ik maar eerst dicht gelast.

 

De zijkant van de deur drukte tegen de B-stijl en kwam daardoor onder spanning te staan. Hierdoor is aan de binnenkant het plaatwerk van de deur gescheurd. Door de scheur kan het scharnier iets bewegen. Dit is dichtgelast en weer in de goede vorm geslepen. De vraag waar ik ruimte moet weghalen, bij de deur of bij de B-stijl, blijft nog even liggen.

 

Al geruime tijd geleden heb ik het spanjoletslot op E-bay gekocht. Maar de bijbehorende stangen zijn daar tot op heden nog niet aangeboden. Dan maar naar mijn favoriete leverancier gemaild. Hij had er nog twee liggen. Nu het setje compleet is moet het dan ook maar gemonteerd worden. Natuurlijk waren er een aantal klusjes die voorrang hadden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De onderkant van de deur was in het verleden ook al behoorlijk uitgestukt. Hierdoor is ook het gat voor de spanjoletstang verdwenen. Het onderste stuk plaat heb ik weggesneden. Het binnen-frame moest iets langer blijven omdat het nieuwe deel een stukje lager is dan de buiten plaat. Eerst is de buitenplaat gehecht. Het binnenste deel kon daarop pas gemaakt worden en vast gelast.

 

 

 

Nu kom ik er achter waarom in het verleden er schuifsloten op de laaddeur zijn gemaakt.

 

Binnen in de deur was er, doordat er platen over elkaar waren gelast, een opstaande rand ontstaan. Ook was er in het binnenwerk een mooie deuk gemept. Hierdoor werd de stang van het spanjoletslot naar buiten gedrukt en kon daardoor niet meer door het gat aan de onderkant.

 

 

 

 

De onderkant van de deur was in het verleden ook al behoorlijk uitgestukt. Hierdoor is ook het gat voor de spanjoletstang verdwenen. Het onderste stuk plaat heb ik weggesneden. Het binnen-frame moest iets langer blijven omdat het nieuwe deel een stukje lager is dan de buiten plaat. Eerst is de buitenplaat gehecht. Het binnenste deel kon daarop pas gemaakt worden en vast gelast.

Eerst, na het hechten, de horizontale las van de buitenplaat aflassen. Dit om de plaat te laten krimpen zonder dat deze naar binnen trekt. Daarna de binnen en de buitenkant met elkaar verbinden.

Bij deze bus zijn een paar constante factoren. Een hiervan is plamuur. Ook op deze deur zit ongeveer een 4 mm dikke laag. Wat eraf gestoken kan worden komt niet als stof in de schuur te liggen laten we maar zeggen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De onderkant van de laaddeur is te ver naar buiten gekomen. Als je even niet oplet overkomen je dat soort dingen. Om de vorm van de buitenkant overal hetzelfde te houden is een mal gemaakt waarmee ik dat kan controleren. Deze mal moet ik nog controleren aan de hand van de tekening. Deze is wel in inches maar dat moet wel lukken. Eerst maar een ruitjes patroon tekenen en dan de lijn erin zetten.

Na het aan de binnenkant inslijpen van het binnenwerk kon deze in de juiste stand worden gezet en weer vast gelast.

 

 

De spanjoletstangen hadden niet de goede ronding. Het luistert nogal nauw en dit moest iets worden aangepast. Aan de boven- en onderkant van de deur zit een vierkant buisje. Hierin kunnen de stangen op en neer schuiven. Het geeft stevigheid en slijt niet zo snel uit. Maar de stangen moeten wel precies in een lijn met het buisje lopen om goed te kunnen bewegen. Na een beetje ronder buigen in de bankschroef liep het weer als een zonnetje. Dit ziet er al weer een stuk mooier uit dan de twee schuifsloten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voor de gaten die in de spanjoletstangen zitten zijn een paar busjes gedraaid . De buiten diameter is Ø 7mm en past daarmee precies in het gat van de stang. De binnendiameter is Ø 5mm en daar past dan mooi een schroef van M5 in.

 

Het is een beetje een klungel klusje geworden. De laaddeuren. Nu de dorpel erin zit valt er direct weer het een en ander op. Om de lengte van de achterste laaddeur te kunnen bepalen heb ik een malletje gemaakt. En die maat heb ik ook aangehouden voor de reparatie. De oude onderdorpel was een zelfbouw product en iets hoger dan het origineel. Hierdoor zit er nu te veel ruimte tussen de deur en de dorpel. Er is nu ook goed te zien dat de onderkant van de voorste laaddeur scheef is. Ook nu blijkt weer dat er zoveel aan de bus is geprutst zodat de meeste maten niet goed zijn. Ik heb me voorgenomen om bij elke volgende klus eerst aan vaste maten te gaan werken. Hierna komen de bewegende delen aan de beurt.

 

De deur moet hoe dan ook zes mm langer worden. Dat was geen probleem geweest als eerste de dorpel geplaatst zou zijn. Nu moeten de plaatdelen worden verlengd. Zes mm is voor de warmte huishouding in de plaat veel te weinig. Daarom heb ik maar een strook van 30mm afgeknipt en deze in de goede vorm gezet. Aan de uiteinden is er een stuk extra genomen omdat de hoeken anders veel te snel wegsmelten.

 

Een zelfde soort foto, zonder de dorpel onder de laaddeuren weliswaar, heb ik zes weken geleden ook al eens gemaakt. Wat er met de bus in het verleden is gebeurd wil ik al helemaal niet meer weten. Het op de weg krijgen van de spijlbus is nog steeds het uiteindelijke doel. Hij moet er dan weer mooi en strak uitzien.

 

 

 

 

 

 

 

Even een testje.

De lasnaad is natuurlijk gekrompen. Daar kun je niets aan veranderen. Hierdoor is de plaat behoorlijk vervormd. Met de pen van de hamer heb ik de las op de vervormde plekken gerekt. Het materiaal zal worden ingedrukt en daardoor zal de lasnaad weer langer worden. Hierdoor komt de plaat weer in de oorspronkelijke vorm terecht. Natuurlijk moet je de onderkant van de plaat goed ondersteunen als je de las rekt anders sla je alleen maar deuken. Dat ondersteunen doe je natuurlijk met een tas. Buiten op de klinkers is alleen maar voor beter licht en een neutrale achtergrond.

De test is geslaagd. En de uitkomst is bevredigend. Deze techniek is de moeite waard om op andere grote, door lassen vervormde, stukken plaat uit te proberen.

 

Om het buitenste plaatdeel netjes recht in de opening te maken heb ik er twee plaatjes van drie mm onder gelegd. Deze had ik niet en daarom heb ik een van 2 mm en een van 1 mm op elkaar gelast.

Aan de binnenkant aftekenen en even passlijpen. Dit is dan gelijk de goede maat waar de binnenkant op pas gemaakt kan worden.

 

Het was nog even een dagje werk om alles netjes pas te maken. De binnenkant, waar ik bij kon, is met zinkprimer behandeld. De iets vervormde las in de buitenplaat is met een tasje en hamertje weer in de goede vorm geklopt. Een stuk strip, dat ik al een keer rond had gebogen, kon ik mooi als tasje gebruiken.

 

Het slot functioneert goed en het ziet er een stuk beter uit dan de schuifsloten die er volgens mij in pure wanhoop zijn opgezet. Als alles is dicht gelast kun je er aan de binnenkant nooit meer bij. En als er dan stukken plaat in de weg zitten, wat je niet kunt zien, kun je proberen wat je wilt maar de spanjolet stang komt er nooit meer aan de onderkant uit.

 

De oneffenheden die na het lassen zijn blijven zitten ga ik mooi strak maken doormidden van vertinnen. Hiermee kun je het oppervlak mooi strak maken en hoeft er geen plamuur meer op. Hiernaast staat  de ruwe uitgangspositie. Op de plek waar het tin komt te zitten moet de plaat helemaal blank zijn.

 

 

 

 

 

 

Om de tin netjes glad uit te kunnen strijken heb je een spateltje van hardhout nodig.

Bij het setje dat ik in het verleden eens heb aangeschaft zat er een met een ronde onderkant. Die voldoet niet bij een nagenoeg vlakke deur. Daarom heb ik van een stukje afval twee nieuwe uitgezaagd. Hiermee kun je al goed werken.

Met een rasp en wat schuurpapier heb ik er toch maar een glad afgewerkt.

 

 

  

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Na het bewerken met een flux, een ontvetter voor het vertinnen, kan het tin erop. Dat is wel even wennen. Als het goed gaat moet je met het verwarmen in het deegachtige gebied blijven. Bij een lagere temperatuur is de tin staaf nog hard en kun je er niets mee. Als de temperatuut te hoog is smelt het tin en loopt, als je niet oppast, zo van de plaat.

 

Voor het vertinnen kun je volgens de vakmensen het beste een legering van 75% - 25% gebruiken.

 

Het deegachtige gebied, het grijze deel in de grafiek,  ligt hier tussen de 183° en ongeveer 275°.

Voordat er een stukje tin van de staaf op de plaat kan worden gesmeerd moet de plaat wel even mee verwarmd worden, anders is de hechting niet zo goed.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Na het opbrengen van de tin kan met het houten spateltje en een beetje verwarmen het oppervlak vlak, en als het lukt, glad worden gemaakt. Met een carrosserie vijl het oppervlak in de vorm van de plaat maken. Dat was een mooi klusje. Weer ouderwets een mooi glad oppervlak maken. Aan de tin vlekken kun je zien waar de problemen in het plaatoppervlak van de plaat hebben gezeten. Hierna heb ik het oppervlak goed ontvet en in de primer gezet.

 

It's Leksanized...